De wolf en de twaalf stiefdochters Het was eens winter in een groot bos hier ver van daan. Het was ijzig koud en de sneeuw viel in grote vlokken naar beneden. In een hutje aan de rand van het bos woonde een lieve moeder met haar twaalf stiefdochters. Voor de deur van het hutje stond een grote wolf. Hij wilde net aankloppen toen hij op zijn schouder werd ge tikt. Hij draaide zich om en daar stond een manne tje in een zwart pak. Hij had een brede lach en een zwarte bril op zijn neus. "Ik ben van het sprook jes-advies-bureau zei hij. "Ik zie datje naar bin nen probeert te komen. 'Ja zei de wolf, in mijn donkere grot is het koud en eenzaam. Ik was op zoek naar warmte". Natuurlijk geloof ik je", knipoogde het bureau-mannetje, "maar hoe denk je dat te kunnen bereiken? Met De witte poot? De gouden kam?' De knuppel uit de zak?' Dat is allemaal al gedaan. De meeste sprookjesfiguren zijn moe van de stroom aan spreuken en geschenken waar ze toch niet op zitten te wachten en de twaalf stiefdochters zijn niet van gisteren.De wolf fronste diep. 'Goed dan", zei het mannetje, "als je me geld geeft zal ik je helpen zoals ik ook de Heks met Sneeuwwitje heb geholpen. De wolf aarzelde geen moment en gaf het mannetje een goudstuk. Deze begon de prach tigste verhalen te vertellen over sprookjes-advies en wat dit kon betekenen voor een sprookjesfiguur in nood. Zo was het lelijke eendje heel ongeluk kig. Maar toen we hem opnieuw in de markt zetten als zwaan ging er een wereld voor hem open. Het mannetje was het meest trots op de door hem be dachte slogan: 'knibbel knabbel knuisje... En wat dacht je van het dappere kleermakertje. Was hij zo beroemd geworden als hij op zijn riem had geschre ven: Zeven vliegen in een klap'? Nee. Wij zeiden tegen hem: Streep 'vliegen nou eens door... De wolf begreep niet alles even goed, maar het klonk erg overtuigend. Het mannetje zei: Morgen ben je binnen." De volgende dag kwam het mannetje klokslag een half uur te laat op de afgesproken open plek in het bos. Hij presenteerde zijn concept: Een oud schort met daarin... een walnoot. 'Natuurlijk!' begreep de wolf. "Ik verstop me in de walnoot en eenmaal binnen spring ik eruit.' "Nee", lachte het bureau mannetje, dat kan toch helemaal niet?" Nu begon de wolf een beetje boos te worden: "Ik heb het kcv^U. en uw concept lijkt nergens naar! Luisterzei het mannetje, ik zal uitleggen hoe het werkt: heeft Repelsteeltje niet een naamsbekendheid van 98%? De wolf moest toegeven dat de naam hem wel wat zei. 'Dat is allemaal te danken aan onze campagne 'Repelsteeltje, dat ben ik' en aan de minstens zo succesvolle vervolgcampagne Ik, Repelsteeltje en het geadapteerde: Ich bin ein Rieffelstielchen! Geef nog maar wat geld en je gouden tand. Morgen ben je binnen." En het mannetje liet de walnoot naar het huisje sturen. De volgende dag was het nog eens drie kwartier later toen het mannetje verscheen op de afgesproken open plek in het bos. Trots presenteerde hij deel twee van de campagne: "Mag ik je aandacht voor... de Dove Kwartel!" Van achter de bomen verscheen een dove kwartel. Met een elegante zwier nam de kwartel zijn hoed af en maakte een mooie buiging voor de wolf. Wat een volslagen belachelijke voorstelling, dacht deze en hij keek vragend naar het bureau-mannetje. De kwartel keek ook vragend, hij was immers doof. "Maak je niet ongerust," zei het mannetje, de Molenaars zoon was ook niet onmiddellijk overtuigd. Toen we destijds ons concept presenteerden met de werk titel: 'Kat met laarzen' was er een uitermate lauwe reactie maar al snel zag bij in hoe de verschillende onderdelen elkaar zouden versterken: de fazant en het konijn als teasers, de word-of-mouth door de boeren in het veld en uiteindelijk onze meer dan creatieve low-budget stunt: baden zonder kleren. Is hij nu niet de Markies van Carabas? De wolf gromde. Hij wist niet of het mannetje gelijk had maar hij kon er zo weinig tegen in brengen. "Geef me nog wat geld, je gouden zakhorloge en je eerst geboren zoon. Morgen ben je binnen' zei het mannetje en hij stuurde de kwartel op pad. De volgende dag was het bureau-mannetje precies een uur te laat. Dat schatte de wolf tenminste... Het sneeuwde nog grotere vlokken en de wolf had het zo koud en bij voelde zich zo eenzaam datje hem ge rust een boze wolf kon noemen. Hij klappertand de: W-waarom ben ik nog niet b-binnen? "Laat mij het speerpunt van onze campagne presente ren zei het mannetje. Hij stapte opzij en gebaarde naar het vreemde creatuur naast hem: "Een schele dwerg. Het bureau-mannetje zag de ogen van de wolf zo groot worden als schotels en vervolgde snel met zijn uitleg: Kijk. Intrigeren is het toverwoord. Natuurlijk was Assepoesters jurk en koets goede artdirection. Maar met om 12 uur thuis zijn' creëer je een nieuw attentiemoment. Met de glazen give- 2g^ay in zijn hand, gaat de prins op zoek naar de

Art Directors Annual nl | 2005 | | page 270