Jill Ankie Bos maakt Amerikaans idee 1 tot een Nederlands succes ik Baad met jonggehuwden wordt tot eerste baby vastgehouden C en mooie bijverdienste voor gemeentebesturen: de handel in adressen. Adressen van *-■ pas ondertrouwden, van net getrouwden, van gezinnen, waar een kind is geboren. De prijzen variëren nogal; de ene gemeente levert voor twaalf, de andere voor ruim twintig cent per adres. Er zijn ook gemeenten, die géén adressen opgeven, omdat men daar meent, dat de op deze manier aan het reclame- en verkoopwezen uitgeleverde adspirant- consumenten al te veel werk krijgen met het ledigen van hun brievenbussen en met het te woord staan van doorzettende colporteurs, vertegenwoordigers en verdere afgevaardigden van de commercie. Andere gemeenten kennen het instituut van de geheime adressen: wie dat tevoren laat weten wordt bij (onder-)trouwen en bij het krijgen van nageslacht niét verkocht. De mensen die dat doen, hebben dus geen last van overvolle brievenbussen e.d. Zij missen alles. Soms spijt hen dat. Dan schrijven zij een briefje aan bijvoorbeeld Ankie Bos in Amsterdam, die al sinds 1955 het boekje „Jij en ik" uitgeeft. Een boekje, dat gratis verspreid wordt onder de ondertrouwden in dertig a vijftig gemeenten. Oplaag van de laatste uitgave: 30.000. A nkie Bos beschouwt het als een compliment, dat zich voor de reclame verborgen houdende bijna-bruidsparen haar „Jij en ik" wél willen hebben. Dat betekent immers, dat zij geheel op eigen wens deel gaan uitmaken van de zeer speciale markt van geliefden-met-een budget. Een markt, waarop de concur rentie hevig is en die om een zo persoon lijk mogelijke benadering vraagt. Het beste is misschien wel het contact tussen bedrijfsleven en bruidsparen van vrouw tot vrouw te leggen. Welnu, „Jij en ik" wordt gemaakt door vrouwen (redactie: Martie Verdenius en Beccy de Vries; medewerksters o.a.: Annie Schmidt, Henriëtte van Eijk, Wim Hora Adema, Ina van der Beugel.) en is er duidelijk op geschreven om door de vrouwelijke helft van de trouwlustigen gelezen en bewaard te worden. Ankie Bos (de constructie van de voor naam past geheel in het vrouwelijke benaderings-kader), die van huis uit tandartsassistente is, deed het idee voor haar uitgave op in Amerika. Ze zegt: „Na de oorlog heb ik een tijdje bij mijn broer in New Orleans gewoond. Ik had daar een vriendin, die zo'n boekje uitgaf. „The Bride's Book" heette het. Het zag er nogal taai uit. Toch stonden er veel advertenties in. Ik zag die vrien din nooit werken. Af en toe ging ze naar een postbus. Maar ze had een minkcoat. Dat maakte wel indruk op me. Jaren later, ik was al terug in Nederland, vond ik bij het opruimen haar boekje. Toen is het idee opgekomen, om hier ook zo iets te proberen. Ik ben er heel naïef mee gestart. Als ik niet zo naïef was geweest, was ik er waarschijnlijk nooit aan be gonnen. Die naïviteit: advertenties werven, voor dat zij een welomschreven plan had, hoe het boekje moest worden volgeschreven en wat daar allemaal aan vast zat, denken, dat je er niet zo hard voor hoefde te werken. Toen deze problema tiek goed aan de orde kwam, kon Ankie Bos niet meer terug. „Jij en ik" moest er komen. En in 1955 kwam het eerste nummer dan ook. Een wat zoetige cover (een krans bladeren en bloemen rondom twee elkaar rakende rode harten), 88 pagina's, een stuk of 28 advertenties; het had een vorm. En het had een oplaag: 16.000 exemplaren, die werden verspreid in Amsterdam, Rotterdam, Den Haag en Utrecht. Het principe was de eerste keer al geheel uitgebalanceerd. Vrouwen, die binnenkort gaan trouwen, beginnen aan een merken- Ankie Bos keuze. Vooral na de oorlog is het bepaald niet zo, dat „ge-ondertrouwden" hun duurzame spullen (meubelen e.d.) al ge kocht hebben. En ook is het niet meer zo, dat de dochters zonder meer de koop gewoonten van hun moeders overnemen. Trouwen is: zich op basis van onafhan kelijkheid vernieuwen. Een gids, die de vrouwen in de zee van merken op allerlei gebied kan helpen, wordt op prijs gesteld. Enwat heel belangrijk is hij wordt heel dikwijls bewaard. f Tit het Amerikaanse voorbeeld nam Ankie Bos over, dat voorin het boekje ruimte gereserveerd is voor een trouwfoto. Dat werkt het bewaren in de hand, terwijl dan tevens de kans groter is, dat „Jij en ik" van tijd tot tijd uit de kast wordt gehaald, om aan iemand te tonen. De bekijkster ziet dan al blade rende de advertenties. Een vrij eenvoudige test heeft de uitgeefster aangetoond, dat het boekje dikwijls wordt bewaard. De laatste jaren voorziet zij de uitgave van een kaartje, dat teruggestuurd kan worden, zodra men in het jonge gezin het eerste kind verwacht. Er staat op ver meld, dat er na terugsturen van het kaartje met de verheugende aankondiging kans is op een verrassing. Welnu, heel veel van die kaartjes komen na een klein jaar inderdaad retour. Uit allerlei plaatsen in Nederland, maar ook uit Johannesburg, Canada of Australië, het geen bewijst, dat het boekje zelfs in de emigratiebagage werd opgenomen. Soms zijn terugkomende kaartjes verpakt in hele brieven, waarin de aanstaande moe ders Ankie Bos allerlei zeer persoonlijke dingen vertellen. De uitgeefster krijgt op die manier de 69

Ariadne nl | 1961 | | page 71