Vatbier uit blik Scherpe prijsstelling van de grote levensmiddelenorganisaties is niet altijd loss-leading Patrick Coldstream in Financial Times: Koelkasten in Duitsland FV was eens een buitengewoon 9 scherp concurrerende Ameri kaanse discounter." Zo begint Patrick Coldstream een beschouwing over Loss- leaders in The Financial Times, 't Klinkt ah het begin van een sprookje. Maar het is geen prettig sprookje want aan het eind van het verhaal blijkt dat die discounter er nu niet meer is. Een naar sprookje dus, maar wel leerzaam. Deze discounter ver laagde de prijzen van zijn artikelen zover tot ze alllemaal een forse omloopsnelheid hadden. Die omloopsnelheid, dat was zijn ideaal. Hij bereikte het wel, maar hij ging ook failliet. jQe Britse supermarkten streven ook naar een grote omloopsnelheid, maar zij passen toch wel op dat zij niet op dezelfde weg raken als deze Ameri kaanse discounter. De supermarkten in Engeland voelen er niets voor beneden de inkoopprijs te verkopen. Zij worden daar ook van weerhouden door de verticale prijsbinding, maar dit beletsel weegt niet zo zwaar. Zonodig wordt zij telkens, maar dan voor kort, verbroken. Er is echter geen enkele onderneming, die een herhaling wenst van de geschie denis met de suiker en de thee. Suiker is in het Verenigd Koninkrijk lange tijd een lokartikel geweest. Het resultaat daarvan is dat men nu de grootste moeite heeft de prijs weer omhoog te krijgen. De meeste winkels verkopen de suiker nog tegen de kostprijs of iets daaronder. Slechts zeer grote detailorganisaties slagen er in de suiker in bulk zo goedkoop te betrekken dat zij er mee onder hun ver koopprijs blijven. De inkoopprijs van thee bedraagt 1 shilling 5 pence per kwart pond. Vrijwel overal kan men deze thee ook kopen voor 1 s 5 d. En wanneer de huisvrouw zeer prijsbewust is slaagt zij er zonder veel moeite in een winkel te vinden waar zij ls 41/2 d moet betalen. In de Britse detailhandel is men er van overtuigd dat zeer grote prijsverlagingen bijna altijd verliezen meebrengen voor de ondernemingen die ze toepassen. Behalve in uitzonderlijke gevallen zoals ophef fing van de winkel, prijzenoorlogen en laatst nog de strijd om de zegeltjesis men bereid dit middel, maar dan nog met schroom, toe te passen. Zeer scherpe prijsverlagingen komen vrijwel altijd op het hoofd van de detailhandelaar neer. Men is slechts bereid ze toe te passen wanneer ook de fabri kant een flink deel voor zijn rekening neemt. Dit gebeurt vooral in perioden, waarin de fabrikant door een grote cam pagne over het hoofd van de datailhandel heen zijn produkt aan de verbruikers wil presenteren. Dergelijke speciale acties, en ook de introducties, bieden de grote detailorgani saties dikwijls onverwachte concurrentie mogelijkheden. Zij bestellen bij die fabri kant, die in verband met de actie zijn prijs tijdelijk heeft verlaagd, vier of vijf keer zoveel als zij gedurende de actie periode denken te verkopen. Doordat grote organisaties over meer liquide mid delen beschikken zijn zij daar eerder toe in staat dan zelfstandigen. Wanneer de actie afgelopen is blijft men de artikelen nog geruime tijd tegen lagere prijzen ver kopen of men neemt de volle winst en concurreert met andere artikelen. In feite komt loss-leading bij de dis counters en de supermarkten veel minder voor dan de zelfstandige detaillisten dik wijls vermoeden. De opzet en de inkoop- politiek van de winkelorganisaties maakt het hen echter vaak mogelijk artikelen aan de verbruikers te verkopen tegen een prijs, die lager ligt dan de inkoopprijs van de zelfstandige detaillist. Inkoop van zeer grote hoeveelheden moet immers een voordeel in de prijs opleveren. De grotere organisaties hebben boven dien meer mogelijkheden om met hun prijzen te schuiven. Zij kunnen bijvoor beeld zes of zeven artikelen gedurende een week tegen speciale prijzen aanbieden, waarbij de marge gedaald is tot bruto vier of vijf procent, daarnaast kunnen zij nog een vijftig tot zestig artikelen hebben, waarvan zij de prijzen wel iets maar niet zoveel hebben verlaagd. De zeer zware concurrentie in de levensmiddelenbranche heeft het echter toch wel moeilijk gemaakt de totale bruto marge te handhaven. Vandaar dat juist bij zoveel grotere ondernemingen een streven merkbaar is om naast levensmid delen ook non-foods te gaan verkopen. Maar het blijft een illusie te denken dat men als discounter of eigenaar van een aantal supermarkten de zaak kan laten draaien als men de prijzen maar laag genoeg maakt. T\e National Can Corporation uit Chicago heeft een nieuwe verpak king voor bier ontwikkeld waardoor het biertje smaakt alsof het zo uit het vat komt. In een blik van ongeveer 23 cm hoog en 15 cm doorsnee wordt 3,7 liter bier onder druk verpakt. Aan de boven zijde van het blik is een stop aangebracht waarin een speciale kraan wordt gedre ven. Door te knijpen in de rubber bal die aan het kraantje zit, pompt men lucht in het blik; drukt men het handeltje naar beneden dan begint het bier te vloeien. De Atlantic Brewing Company uit Chicago neemt op het ogenblik proeven met deze verpakking in enkele gebieden van de VS. De blikverpakking met 3,7 liter bier kost 1,50 dollar, de kraan met pomp 4,50 dollar. Na lediging gooit men het blik weg; kraan en pomp kan men steeds weer gebruiken. yD-ven en zestig procent van alle West- duitse huisvrouwen heeft nu blij kens een onderzoek van het Divo-instituut een koelkast. In maart 1963 was dat 58 procent. Het bezit van koelkasten stijgt met de inkomens. In de steden staan naar verhouding meer koelkasten dan op het platteland. In vijf procent van de huishoudens staat een diepvrieskast; merendeels echter op het platteland. Vooral jongere huis vrouwen (beneden 35 jaar) hebben grote belangstelling voor diepvries levensmid delen. Het verbruik van diepvries nam van 1962 op 1963 toe van 2,4 tot 2,7 kilo per hoofd van de bevolking. 849

Ariadne nl | 1964 | | page 9