(red.) Déja vieux Lesjes Au J Reed zet mes in I IPC-dochters Relislag Hoofdagent Draaijer A.J. Ernst 70 Ariadne 21-1-71 tijd, uit den boze en onuitvoerbaar. Daarentegen valt er alles voor te zeggen de kwaliteit van de samen werking tussen partijen te verbeteren, door uitwisseling van ideeën en ervarin gen, door het ondernemen van proeven en experimenteren met nieuwe tech nische en andere mogelijkheden. Ook dat kan geld kosten, mogelijk nog meer dan korting. Met de kans evenwel, dat het uiteindelijk voor de grafische industrie beter besteed zal zijn, dan kortingen, die door haar on doorzichtigheid meer kunnen ver knoeien dan verbeteren. W. B. F. SCHAPER Een jongeman in een volle tram praat met een oudere heer. Hij heeft 't ken nelijk over een geweldig maal dat hij heeft genoten bij iemand die 't breed liet hangen en zegt: „We kregen koffie toe enne een glas Dujardin". Hij spreekt de merknaam fonetisch en met een Amsterdams accent uit. De heer be grijpt niet wat hij bedoelt en de jonge man zegt ter toelichting: „een soort fjeux" (uitgesproken inclusief de x). De oudere heer snapt het en spreekt het woord vieux, ter verbetering, goed uit. De inmiddels geattendeerde trambevol king roept, keurig Frans, in koor: „Du jardin!" En de jongeman: „Geeft dat nou, als 't maar lekker is." Een aardige tv-commercial, in op dracht van bureau Kuiler vervaardigd door Geesink en sinds afgelopen na jaar op het scherm. Deze maand verscheen, een andere commercial in het STER-blok. Voor Joseph Guy. Een stukje Franse les, waarin een jongeman de naam Joseph Guy op z'n Hollands uitspreekt en door een oudere heer wordt verbeterd. Door Toonder geproduceerd in opdracht van bureau Ricardo. Jaap Koopmans, scriptwriter bij Gee sink en hoofdrolspeler in de Dujardin- film, signaleerde de overeenkomst tus sen beide filmpjes en spreekt zijn ver bazing uit over het feit, dat Joseph Guy kennelijk niet op de hoogte was van de Dujardin-commercial. „Dujardin heeft de laatste drie maanden van 1970 bijna wekelijks, afwisselend op Nederland I en II, gesierd. Mogelijk heeft de schep per van de Joseph Guy-commercial dit kwart jaar lang toevallig aldoor naar het andere net gekeken, 't Lijkt nogal on waarschijnlijk." Ricardo-directeur S. G. van Beek moet dat laatste toch bevestigen. „En niet alleen heeft niemand bij Ricardo de Dujardin-film gezien ook bij de op drachtgever en bij Toonder was het niet bekend. Anders had iemand er wel op gewezen." Overigens onderstreept dit gebeuren volgens de heer Van Beek wel de wen selijkheid, dat reclamemensen zo spoe dig mogelijk de gelegenheid krijgen om op een speciaal uur de nieuwe commer cials op de beeldbuis te krijgen. Op de laatste VEA-jaarvergadering is aange kondigd, dat het voor 75 pet. zeker is dat dit gaat gebeuren. Hopelijk komt daar vlug 25 pet. bij. In aansluiting op bovenstaand verhaal vertelde Ricardo-directeur Van Beek ook nog, dat zijn Joseph Guy-commer- cial met de Franse les voor het eerst werd uitgezonden op 5 januari, na het nieuws van 8 uur. Het was de voorlaat ste film van het blok. En de laatste, onmiddellijk daarna, was een commer cial voor Macintosh, waarin een jonge man het woord Macintosh op z'n Neder lands uitspreekt en wordt verbeterd door een zéér Engelse, oudere heer. Een brokje Engelse les dus. De STER lijkt Teleac wel. Reed International zal de volledige I. dochter Computicket afstoten. Conw A ticket werd negen maanden geledm l^^de IPC opgezet (Drukkerswereld, 8 januari) Bovenstaand tafereeltje trof ik aan op een aanplakzuil vóór het Amsterdamse Handelsblad/NRC-gebouw. De bijbel (VNU) en Genesis (Salvation) onder mekaar. Nu religieuze zaken in het hippe taaltje het voorvoegsel „reli" heb ben gekregen (zie het recente reli- songfestival), mag hier worden gespro ken van een ware relislag. Uit het vaste legertje winnaars van prijsvragen is er één in de schijnwerper der publiciteit gaan staan: hoofdagent Berend Draaijer uit Almelo. In Tubantia werd hij gepresenteerd als een geboren woordgoochelaar, die de laatste tijd voor het woord „posterijen" steeds „pesterijen" leest. Op zijn conto staan inmiddels een reis voor twee personen naar Lugano, vier dagen Parijs, vier dagen Milaan („Dat van Milaan kwam helemaal niet zo goed uit. Ik had net dit huis gekocht en ik had een dag of wat verlof genomen om het op te knap pen. Enfin, terwijl ik stond te schilderen, is mijn vrouw met een schoonzuster naar Milaan gegaan. Trouwens met nog een schoonzuster, want voor haar had ik ook meegedaan"), een naaimachine en een kunstreis naar Rome, die moest worden uitgesteld omdat hij eerst met een kledingbedrijf naar Amerika moest (jawel, met Pieter G. Alferink, die daar over in Ariadne zijn deprimerend ver haal deed). Het is een mooi verhaal over de hoofdagent en het is, aldus B. F. C. van het Veld die het mij toe stuurde, informatief voor aanhangers van consumentenprijsvragen.

Ariadne nl | 1971 | | page 6