Ariadne Revue der Reclame presentator voortdurend vecht met de klok. De commissie scholing, opleiding en vorming van de WA, onder voorzitter schap van Chiel Galjaard (Den Haag), ontwikkelt grootse plannen. Dat werd het congres wel duidelijk uit de inleiding die Jan Mastenbroek namens de com missie hierover hield. Het plan is in de voorjaarsvergadering 1980 een con cept-beleidsplan ter tafel te brengen met daarin integraal de opleidingsmo gelijkheden voor in de praktijk werkza me voorlichters. Na de inspraak van de leden kan het definitieve plan eind 1980 klaar zijn. In die tussentijd zal de com missie niet stilzitten. Op 19 en 20 no vember is er inmiddels een evaluatie- tweedaagse van de vorig jaar gehouden praktijkcursussen geweest. Er komt ook een evaluatie van de vervolgcursus van 1978, en begin 1980 is er weer een praktijkcursus. Het voorjaarscongres 1980 is op 13 en 14 mei in Scheveningen. De V V A en het NGPR, Vereniging voor Public Rela tions en Voorlichting, houden dan sa men een tweedaagse bijeenkomst over 'veranderingen' waarvoor verschillen de prominente sprekers zullen worden uitgenodigd. De tweede Alkmaarse dag stond in het teken van 'Voorlichting en vormge ving'. Ben Bos, gvn/agi, partner van Wim Crouwel in Total Design, hield een uitstekend pleidooi voor het toepassen van door ontwerpers gemaakte stra- mienen die ook voorlichters een hoop tijd en geld kunnen besparen. Of zoals Ben Bos het zelf zei: 'Het toepassen van een bruikbaar stramien als onderbou wing van de gedrukte media stelt de woekeraar-met-tijd in staat zijn beste krachten beter aan te wenden. Zo komt hij misschien nog eens af van onder maatse foto-reportages of het overma tig gebruik van alom-vertoonde, onper soonlijke en zelden echt leuke car toons.' René Schootsvoorzitter van de Neder- landse Vereniging van Tape/Slide Pro ducenten, maakte de voorlichters dui delijk dat ze het produceren van audio- visuals maar beter aan de vakman kun nen overlaten. Tot slot bespraken Ben Bos en René Schoots enkele presentatie van de ten toonstelling die de organisatoren van het congres hadden ingericht. Er was veel foldermateriaal te zien, Amster dam en Rotterdam vertoonden een band-dia-programma en Utrecht liet zien hoe het medium film in de over heidsvoorlichting van dienst kan zijn. Het was een boeiend congres, met als misser de huishoudelijke vergadering. Er was geen tijd genoeg om zinnig over de veelheid van belangrijke onderwer pen te discussiëren. Daarom lijkt het beter het voorstel van de actieve con grescommissie te volgen en de huishou delijke vergaderingen voortaan apart te houden. Want om bij voorbeeld in Scheveningen in anderhalf uur eigen WA-tijd een educatieplan, een plan voor een beroepscode, een plan voor een nieuwe congresopzet en enkele an dere zaken af te raffelen, heeft geen zin en roept alleen maar weerzin bij de le den op. Dat was in Alkmaar al te mer ken dus zullen ook de doelstellingen en de uit gangspunten niet het eeuwige leven moe ten hebben. Wellicht verdient het zelfs aanbeveling het beleid voor voorlichting elke vier jaar te laten vaststellen zodat nieuwe raad en nieuw college weten waar zij en hun voorlichter(s) samen aan toe zijn. Richtlijnen Ik geloof dat bestuur en werkgroep hun ideeën over een statuut of code gerust kun nen laten varen. Het is beter de voorlich ters een aantal concept-richtlijnen voor uitgangspunten mee te geven die ze - plaat selijk ingekleurd - met hun bestuur kunnen bepraten en wellicht kunnen laten vaststel len door raad of college. Nog beter is het die concept-afspraken ver gezeld te laten gaan van de doelstellingen. In het concept van de beroepscode was een artikel gewijd aan die doelstellingen. Maar moeten die zo verstopt worden? Moeten die zo summier zijn? Laten we de klok eens een jaar of zes terug zetten. Op het najaarscongres in 1973 stel den de VVA-ers (aanzienlijk kleiner in aan tal dan tegenwoordig) de doelstellingen voor voorlichtingsbeleid bij lagere over heidslichamen vast. In de wandeling heten ze 'De Vrucht van Vught'. Na die zonnige herfstdag in het Brabantse hebben veel ge meenten inderdaad die doelstellingen ge bruikt om een voorlichtingsbeleid op te baseren. En dat was ook de bedoeling: meer eenheid scheppen in het nationale voorlichtingswezen. Intussen heeft de tijd niet stil gestaan. Al lerlei maatschappelijke ontwikkelingen en ook ontwikkelingen in het voolichtingsvak hebben het noodzakelijk gemaakt dat de doelstellingen worden geactualiseerd. Het VV A-bestuur kondigde een jaar geleden al aan dat er plannen waren met aangepaste doelstellingen te komen. En waarachtig, weggestopt in de concept-code, komen de nieuwe doelstellingen ineens tevoorschijn, eigenlijk weinig anders dan de uitvoerige en zorgvuldig geformuleerde Vughtse doelstellingen ingedikt tot twee hoofddoe len en zeven subdoelen, omschreven in zo'n twintig getikte regeltjes. Kort maar niet krachtig. Ik vind het een grove onder schatting van de functie en de waarde van voorlichtingsdoelstellingen. Hebben in dertijd vooral Chiel Galjaard (Den Haag) en Jan Lelieveldt (Leiden) na uren afwe gen, formuleren, nog eens doordenken, hun Vrucht van Vught als een doorwrocht produkt afgeleverd, deze 'nieuwe' doel stellingen lijken een bedenksel, gebrou wen op een wat sombere namiddag, toen het dagelijkse werk af was en er nog een paar kwartiertjes over waren voordat de werkdag om was. Een uitermate mager stuk werk. Kans gemist Nergens is rekening gehouden met de maatschappelijke en andere ontwikkelin gen en tendensen die invloed hebben op de overheidsvoorlichting, nergens is reke ning gehouden met nieuwe visies op het Inleiders op het VV A-congres: Prof mr. R. Crince le Roy (boven) en Ben Bos. voorlichtingsvak, nergens is een spoortje van emancipatoir denken te bespeuren (of hoeven we niet meer aan spreiding van kennis en macht te denken?), nergens is te onderkennen dat ook de overheidsvoor lichting veranderd is en nog steeds veran dert, dat de voorlichter van vandaag ook te maken krijgt met andere communicatie vormen zoals promotion, houdingveran- derende of gedragbeïnvloedende voorlich ting enzovoort. Helaas. De werkgroep heeft zich er met een 'Jantje van Leiden' afgemaakt en had zich beter kunnen spie gelen aan het voortrekkerswerk dat die an dere Jan uit Leiden en Chiel uit Den Haag indertijd verrichtten. Een gemiste kans. Daarom moeten bestuur en werkgroep hun huiswerk maar overmaken. Geen beroeps code met daarin weggemoffeld al te sterk versimpelde en nauwelijks actuele doel stellingen, maar een serie op de huidige stand van zaken gebaseerde doelstellingen en uitgangspunten, dat is de opdracht die de WA zich moet stellen. 4 DECEMBER 1979 15

Ariadne nl | 1979 | | page 15