3°. Onderwijs aan avondcursussen, mits met vol- doende leerprogramma's, toezicht en selectie van de leerlingen, biijft noodzakelijk. 4o. De bestaande onderwijsinrichtingen, welke door het Rijk worden gesubsidieerd en waar dus toezicht op wordt gehouden, blijken niet ¡n staat te zijn om aan de behoefte welke in ons land tot het verkrijgen van een opleiding tot bouwkundig technicus bestaat, te voldoen. Uitbreiding is dan ook noodzakelijk. 5o. De examens van Bouwkundig Opzichter, af- genomen door den Bond van Nederlandsche Archi- tecten zijn tot dusver een leiddraad bij de studie van een groote groep van aanstaande bouwkundige technici, die geen z.g. schoolopleiding kunnen volgen. Noodzakelijk wordt het geacht, dat het Rijk deze examens subsidieert en een vertegenwoordiging daarbij instelt. 6o. De instelling van meerdere avondcursussen of andere instituten in verschillende plaatsen van ons land, met steun en toezicht van het Rijk dient sterk te worden bevorderd. 7°. Bij de eindexamens van de diverse inrich- tingen voor opleiding tot bouwkundige technici dient invloed te worden toegekend aan vakorganisaties van architecten en bouwkundige technici, opdat zooveel mogelijk door deze inrichtingen wordt ge- profiteerd van de ervaring en inzichten van in de praktijk bestaande bevoegden. 8o. Het onderwijs aan de onderwijsinrichtingen zij niet alleen ingesteld op het verstrekken van technische en theoretische kennis, doch bevordere tevens de vorming van die karaktereigenschappen, welke tot hooger levenshouding voeren. STU DI E-P RIJ SV RAAG VOOR EEN KERKGE- BOUW, uitgeschreven door de Commissie voor Gemeenteleven, uit de Céntrale Commissie voor het Vrijzinnig Protestantisme. Naar aanleiding van een tweetal ingekomen brieven kan het volgende worden medegedeeld: Een situatie kan niet worden gegeven omdat zich ook hierin het karakter van het kerkgebouw kan uitspreken. Daar het hier een studie-prijsvraag geldt en de prijsvraag-uitschrijver geen bepaald geval op 't oog heeft, kan een bouwsom niet worden genoemd. Het is de bedoeling dat de kerkbezoekers hun jas, mantel, hoed, enz. vóór het bezoeken van de kerk- ruimte, zullen afleggen. De groote van de garde- robe, enz, houdt dus verband met het aantal zit- plaatsen. Met een kamer voor andere doeleinden wordt be- doeld de beschikking te hebben over een vertrek voor doopouders, collectanten, kleine vergaderingen enz. De wijze van ontwerpen der rijwielbergplaats wordt vrijgelaten. De afmeting van de ruimte voor de céntrale verwarming is afhankelijk van het sys- teem van verwarming dat de ontwerper wenscht toe te passen. De torenhoogte en een eventueele verlichting wordt vrijgelaten. De perspectiefschets kan uit den plattegrond schaal I a 100. wordt afgeleid. Bepaalde kleuren worden niet voorgeschreven, evenmin de compositie van eventueel glas-in-lood ramen. Tenslotte wordt er nog de aandacht op gevestigd dat in afwijking met het bepaalde in het program- ma, de ontwerpen moeten worden ingezonden: OOLGAARDTHUIS, Klingelbeekscheweg 88, ARNHEM. 24 meer dan groote moeite en zorg besteed en met medewerking van een bekwaam vakfotograaf. Niettegenstaande dat alies is het resultaat niet bevredigend. De oor- zaak hiervan moet worden gezocht in den aard van de teekeningen. De reproductie- techniek is voldoende ontwikkeld om zelfs de fijnste teekeningen zeer gevoelig weer te geven. Dit kan het best geschieden in daarvoor speciaal geoutilleerde inrichtingen. Wanneer daarvan gebruik kan worden gemaakt heeft men vrijwel zekerheid reproducties te krijgen die aan de hoogste eischen voldoen. Wanneer het echter niet mogelijk is de teekeningen op een atelier voor technische reproductie te doen fotografeeren vervalt men in methoden, waarvan het resultaat van de meest verschillende bijkomstige factoren afhangt. En dit is doorgaans het geval wanneer teekeningen, welke voor een prijsvraag zijn vervaardigd vóór de reproductie inge zonden zijn bij den prijsvraaguitschrijver. Voor dezen toch vertegenwoordigt het verkregen materiaal een groote waarde en aangezien hij zelf geen direct belang heeft bij reproductie, voelt hij er weinig voor om zijn kostbaar bezit uit handen te geven ten gerieve van wenschen van anderen. Aangezien het voor de ontwerpers der plannen onaangenaam is hun teekeningen slecht gereproduceerd te zien, meenen wij dan ook te moeten aanbevelen zich goede reproducties te verzekeren vóórdat de teekeningen aan den prijsvraaguitschrijver worden afgestaan. Daarbij komt nog een andere factor. Men zou de vraag kunnen stellen of het vervaardigen van „opgewerkte" teekeningen principieel wel juist is. Muziek wordt genoteerd in zwart notenschrift op wit papier. Dit zwart op wit is in staat gebleken de substielste gedachten, de fijnste nuancee- ringen te kunnen weergeven. In den modernen tijd is men zelfs niet tot het oude chromatische notenschrift behoeven terug te keeren. Evenzoo kan een zwarte inkt- teekening op wit papier een architectonische gedachte voor deskundigen volkomen duidelijk weergeven, door middel van projecties. Het is daarbij zelfs niet noodig de omtrekken van terugwijkende vlakken dunner te teekenen; de deskundige ziet door middel van projectie dat de vlakken terugwijken. De aanduiding van muurdoor- sneden door diverse kleuren is geheel overbodig, want ook matenaalaanduidingen zijn grafisch duidelijk aan te geven. Biijft over de kleur van het bouwwerk. Wanneer men deze om architectonische redenen wil aanduiden, dan is zuks principieel het best te doen door ze zoo nauwkeurig mogelijk te omschrijven. De aanduiding daar van op de projectieteekening is niet juist, want een projectieteekening beeldt de vlakken zelf niet af, maar slechts hun omtrekken. De vlakken zelf staan ais zoo- danig niet op de teekening, maar worden door den teekening-lezer in zijn voorstel- lingsvermogen g e d a c h t. Een gekleurde projectieteekening is een dualisme, het is projectie en perspectief door elkaar heen. Niettemin behoeven wij afgescheiden van het bovenstaande niet te ontkennen, dat er van „opgewerkte" teekeningen een groote charme kan uitgaan, dat zij ook aan leeken een hulp geven om de beteekenis van het project aanschouwelijker te maken. Maar de architect kan volstaan met zuiver zwarte projectieteekeningen op witten grond. Deze teekeningen hebben het voordeel onder alie omstandigheden bijkans zonder bezwaar te fotografeeren te zijn en te reproduceeren. Er zijn dus voldoende middelen om teekeningen goed reproduceerbaar te maken. Het gaat er alleen maar om te zorgen, dat de geschiktste middelen worden toegepast. Wij ontvingen van het Marekerk-Comité te Leiden een circulaire, waarop wij gaarne de aandacht vestigen. De Marekerk te Leiden, Hollands oudste koepelkerk, een meesterstuk van architectuur, van den stadsbouwmeester Aert van 's-Gravensande, vereischt dringend de noodige restauratie. Helaas, de noodige middelen, door des kundigen geraamd op ca. j 50.000.ontbreken. Een groote campagne om althans een gedeelte dier middelen bijeen te brengen is te Leiden ingezet, doch het vereischte bedrag zal ook met de uiterste krachtsin- spanning van de Leidsche Gemeente niet binnenkomen. Leiden doet dan wat in deze redelijkerwijze van haar kan worden verwacht, wan neer men bedenkt, dat zij tevens staat voor de voortdurende zorg van het onderhoud harer beide kathedralen, de St. Pieterskerk en Hoogl. of St. Pancraskerk, die jaar- lijks beduidende sommen vragen. Ais dus Leiden aan den thans tot haar gerichten oproep gehoor geeft, zijn de kosten van uitvoering slechts halverwege gedekt. Het is daarom dat het Marekerk-Comité geldelijken steun ook buiten Leiden ver- zoekt voor de restauratie van dit merkwaardige kerkgebouw. De Penningmeester van dit Comité is de heer J. de Geus te Leiden, wiens postrekeningnummer 41878 is.

Bouwkundig Weekblad Architectura nl | 1929 | | page 8