R e n a t a. (Zij schatert weer)Geen schim, geen schijn, maar werkelijkheid Van rijp genot! Ik tob niet meer om dooden. Den beker drink ik tot de laatste teug! Mijn feest begint! Savonarola. Arm kindWier schat voortaan Niets anders meer kan zijn dan leeg pleizier. (De klokken beginnen te beieren. Renata als door een doodsangst be vangen, ijlt weg). Savonarola (na een lange stilte van diepe meditatie, met een blijde glimlach). De Meester is nabij en roept. en roept. (Langzaam sluit het gordijn). EINDE. Zk w 159

De Delver nl | 1929 | | page 19