Een belangrijk experiment Het Economisch-Technologisch Instituut te Tilburg. Dank zij de ijverige samenwerking tussen Prof. H. A. Kaag en Prof. Dr. Ir. H. C. J. H. Gelissen, den huidigen Minister van Economische zaken, is een instituut ontstaan, waarvan de reikwijdte vooralsnog niet kan worden overzien, maar dat voor de Nederlandse Industrie zeer vele perspec tieven biedt. Werkelijk kan men van dit streven beweren, dat Geestdrift, Wetenschap en Praktijk dit centrum van onderzoek deden ontstaan, dat de steun van elk Nederlands Industrieel ten volle verdient. Het instituut is volkomen onafhankelijk, diegenen die er aan mede werken, doen dat geheel belangeloos. Het instituut aanvaardt geen „opdrachten" en vraagt ook geen honorarium. Zijn onderzoekingen van omvangrijke of speciale aard nodig, waarvoor de middelen van het instituut niet toe reikend zijn, dan kan een bijdrage in de kosten worden gevraagd. Van groot belang is het onderzoek naar de mogelijkheid van oprichting van nieuwe Nederlandse Industrieën. Prof. van der Kaag deelde in een persgesprek mede, dat men niet moest menen, dat het instituut van een soort idee fixe bezeten is om nieuwe industrieën te zien verrijzen. Elk project wordt nauwkeurig onderzocht en als geen redelijke kans van slagen bestaat, zal men ook niets forceren. Daar het instituut in het Brabantse centrum is gesticht, ligt het voor de hand, dat men zich als eerste opgave bezig hield met de aldaar gevestigde Textiel Industrieën, hoewel vanzelfsprekend ook andere takken der industrie met evenveel toewijding zullen worden behandeld. Ook studies met meer sociale strekking worden gemaakt, o.a. een zeer belangrijke: de besteding van het inkomen der gezinnen in diverse lagen der maatschappij. Hier is dus een centrum geschapen, waar een frisse geest van durf en aanpakken heerst en dat een buitengewoon efficient antidotum is tegen de ellendige sfeer van kankeren met de handen in de zakken! Wij volgen de resultaten van dit jonge instituut met grote belangstelling! BLUF IN BEWEGING De foutieve gedachte, dat reclame in crisistijden waardeloos zou zijn werd reeds uitvoerig en afdoende bestreden in het knappe artikel in de „Vier Musketiers" door Dr. S. S. Gallee. Mogen wij de twijfelaars nog eens aanporren met het volgende verhaaltje? „Als ik één dag niet oefen" zei Paderewski, de beroemde pianist en staatsman, „dan merk ik het". „Als ik een week lang niet oefen, merken mijn vrienden het en als ik een maand lang niet oefen merkt iedereen het!" Bedrijven, die menen zich de luxe te kunnen permitteren om een paar jaar zonder een behoorlijke publiciteit te blijven, snijden zich deerlijk in de vingers. Het gaat ermee als met een wedloop! Is de winner eenmaal vóór dan kost het bovenmenselijke moeite de schade in te halen! Vecht voor Uw markt en bijt van U af!

De 4 Musketiers nl | 1935 | | page 24