MEER BAET van verkoop anders dienen te zijn dan jaren gele den: de grootere ontwikkeling van den inlander, de stijging der levensbehoeften van de geheele Indische bevolking, de grootere concurrentie, de geweldig ingewikkelde verkoopsorganisatie die ook in Indië thans noodzakelijk is om een gunstig resultaat te verkrijgen, al deze factoren nopen ook de Hollandsche indu strie op ieder gebied niet alleen offensief, doch vooral defensief op te treden. De importeurs in N.O. Indië hebben geen speci aal belang bij Nederland alléén, zij vormen slechts de onmisbare schakels tusschen fabrikant en Indi sche groot- en kleinhandel. Veelal doen ze voor eigen rekening zaken, doch in geen enkel opzicht zijn zij aan een bepaald productie-apparaat gebon den, zoodat zij eiken dag van leverancier kunnen veranderen, zonder dat de kwaliteiten hunner zaak worden aangetast. Levert Duitschland, Amerika of Japan eenzelfde artikel goedkooper en beter, dan zijn er geen zake lijke overwegingen om ten bate der Nederlandsche industrie die buitenlandsche aanbiedingen af te wijzen. Hun bestaanseisch verlangt koopman schap zonder meer. Het nationaliteitsgevoel is in dergelijke omstandigheden gewoonlijk maar een bijkomstige factor. De overproductie van vele arti kelen in alle landen van de wereld zal oorzaak wor den, dat ook ons Indië nog meer de belangstelling zal trekken. Amerika's en Japan's industrie hebben behoefte aan export die grooter is dan ooit tevoren en naar gelang die eischen toenemen zal hun activiteit ge stimuleerd worden. Amerika maakt reeds veel reclame voor haar producten in ons Indië, Holland in verhouding weinig, Japan bijna in het geheel niet. Reeds vroeger hebben wij medegedeeld dat de oorzaak daarvan slechts onbekendheid met Indi sche toestanden is. Pas op als de Japanner het nut van reclame in onze Oost gaat inzien! Want de Ja- pansche industrieel weet wel wat de macht van re clame beteekent, terwijl het Japansche Gouverne ment ook hierin een goed voorbeeld geeft en van dit krachtige middel veel gebruik maakt. Wij citeeten hieronder eenige passages uit 'n artikel van de hand des Heeren Walter Buchler in het November 1929 nummer van Advertising World, waaruit wel degelijk blijkt hoever de Japan ners het hebben gebracht in de kunst van reclame maken en hoe hoog zij de waarde van reclame taxeeren. Zoowel particuliere als publieke lichamen in Japan wijden groote aandacht aan de publiciteit in hun land. Zeer vele Japansche firma's, zoowel groote als kleine, aarzelen niet veel reclame te maken voor haar producten en wel op alle mogelijke manieren, hoe kostbaar dan ook. Zij nemen fiksche advertentie's, zeer veel heele pagi na's in dag-, week- en maandbladen. Electrische licht reclames zijn op de beste punten in de groote steden aan gebracht, Tokyo, Jokohama, Nagoya, Kysto, Osaka, Kobe enz. tellen er vele. Vliegtuigen speciaal voor dit doel gecharterd, ver spreiden tot zelfs in de verste uithoeken van Japan, re clamestrooibiljetten bij vele honderdduizenden. Toch is krantenreclame op groote schaal kostbaar in Japan, wellicht nog duurder dan b.v. in Engeland, maar er zijn nog veel meer middelen om reclame te maken, even zoo goed als in Europa. Alleen zijn de regelen op het advertentiewezen niet zoo streng als in Europa. Verschillende categorieën van beroepen voor wie het verboden is in Europa reclame te maken om reden van „standing", zooals advocaten en doktoren, maken in de bladen door middel van posters, en door groote lichtreclames aan hun huizen voor zich zelf evenveel reclame als de fabrikanten van cosmetiek, suiker, koekjes enz. De dagbladen in Japan genieten vooral een groote populariteit. Het Japansche gouvernement maakt zelf voor ver schillende doeleinden groote reclame, zoowel in binnen- als buitenland. Zeer vaak voert het campagnes in het buitenland om de spaarzaamheid der Japanners aan te moedigen; verder „anti-luxe campagnes" waardoor het publiek wordt aangespoord toch vooral geen onnoodige uitgaven te doen. Nationale, door den staat bekostigde campagnes ten bate der nationale Japansche industrie worden met kracht gevoerd. Steun dus der nationale industrie 1 Verder wordt het volk in Japan aangespoord, de tra ditie getrouw, niet alles klakkeloos over te nemen van het Westen, doch ook in levensgewoonte Japanner te blijven. Propaganda voor het leger, de vloot en de luchtvaart wordt gevoerd, vaak onder aanvoering en bekostigd door de groote dagbladen, maar ook heel dikwijls gefinancierd door de schatkist. Evenals in Europa is mede door de sport en de plaats die hiervoor in de Japansche bladen wordt ingeruimd, de belangstelling voor de krant enorm toegenomen, ter wijl ook aan wetenschap, kunst en letteren belangrijke aandacht wordt besteed door alle nieuwsbladen. En de groote hoeveelheid advertenties bewijst weer de waarde die de Japanners hechten aan publiciteit en reclame. Uit het bovenstaande blijkt voldoende dat de Japanner allesbehalve achterlijk is op het terrein der reclame en dat er in het land van den Mikado nog heel wat kooplieden gevonden worden die minstens zooveel begrip hebben van de waarde van 3i7

Meer Baet nl | 1929 | | page 9